De eenvoud van vriendschap

We nemen afscheid van onze Touareg gids Djaffar en het mooie Algerije en rijden het luxe Tunesië binnen. Het doel is om zo snel mogelijk het land weer te verlaten met een visum voor Libië. Onderweg richting de hoofdstad is het gras toch groener als verwacht. De camping aan zee in Tunis biedt ons een mooie rustplaats en dient meteen als garage voor het nodige onderhoud van Miles. Het nadeel van de plek is dat de toiletten en douches nooit schoongemaakt worden en dat wij te vaak afscheid moeten nemen van mensen die ons aan het hart gaan.

Behalve een wachtplek wordt het ook een ontmoetingsplek. In totaal moeten wij dertien dagen wachten op ons visum voor het buurland Libië. We bellen na de tiende dag iedere dag om te informeren. “Ils ne pas pret”, vertelt dan iedere dag een vriendelijke mevrouw aan de andere kant van de lijn. Ze zijn nog niet klaar. De visumaanvraag wordt in Tripoli behandeld. Wat een eer! In de tussentijd nemen we Miles onder handen. De uitlaat gaat eraf en wordt opnieuw gelast. De oliekeerring van het achterdifferentieel wordt vervangen. We vervangen de oliekeerring van de wielnaaf en wisselen de banden. Meteen bekijken we alle remcilinders en voeringen. We vervangen een smeernippel van de aandrijfas.

De kilometerteller die het begeven heeft, maken we zandvrij. Een aansluitpunt voor elektra heeft het begeven. We checken alle smeerpunten en vullen hier en daar olie bij. We stellen de kleppen opnieuw en vervangen de olie van het luchtfilter in oliebad. In de tussentijd maken we de auto zand en stofvrij voor de nieuwe start. Wat de woestijn wel niet met je auto doet. Behalve met smerige handen rondlopen, gebruik je dezelfde handen ook om kennis te maken met andere reizigers.
We hebben het genoegen om als laatste plek te dienen voor het vertrek naar Europa. voor menige woestijnreiziger.

Menige vakantieganger bezoekt de camping om de volgende morgen met de boot weer naar huis te vertrekken. We ontmoeten de Land Roverclub Luxemburg, Franse quadrijders die met een Pinzgauer Tunesië bezocht hebben. Drie Duitse motorrijders uit Kleef die zich in de duinen hebben uitgeleefd en niet te vergeten de Oostenrijkse bosbouwers uit Zell am See. Het is verbazingwekkend hoe vriendschappen op zulke plaatsen ontstaan. Bij de eerste handdruk is een glimlach een feit. De beleving voor het zand is een garantie voor een goede lach en vele verhalen.

Met de ‘houtvrienden’, zo noemen wij onze Oostenrijkers, klikt het meteen. Zij blijven langer en we delen twee avonden aan het houtvuur. Met iedereen is er meteen een behoefte om verhalen te delen en drank te nuttigen. Behalve verhalen willen de vertrekkende reizigers vaak ook meer delen. Alles wat ze achter kunnen laten blijft achter. De Fransen verblijdden ons met tien liter wijn, zuurkool in blik en een kater. De Luxemburgers laten een mooie kaart achter en ducktape. Ze wilden hun hele onderdelenkist achterlaten, maar dat was teveel van het goede. De Oostenrijkers hebben ons leven verrijkt met heerlijke gerookte spek. Die we binnen twee dagen helaas op hebben gegeten. Met de doos suiker kunnen we onze thee aanvullen tot Turkije en de aanmaaklimonade gaat waarschijnlijk mee tot in India. De resterende voedselvoorraad werd van de ene Land Rover naar de andere overgeslagen. Had ons verhaal dat gewichtbeperking een belangrijk onderdeel is van op reis gaan,
dan toch indruk gemaakt? Bij ons verdween het voordeel na alle cadeau’s van de ‘onbekende’ vrienden.